Waarom ik een jaar lang geen kleding koop – en waarom dat soms zo moeilijk is

De gemiddelde Nederlander bezit 173 kledingstukken, volgens onderzoek van de HvA (CREATE-IT applied research), MODINT, Saxion, Circle Economy, Sympany en MVO Nederland. Dit is inclusief schoenen, sokken, ondergoed en accessoires zoals sjaals. Toen ik dat aantal hoorde, dacht ik “Dat is veel. Hoe zit dat eigenlijk bij mij?”

Ik ben aan het tellen geslagen en kom op 156 items uit. Dat is weliswaar iets onder het gemiddelde, maar ik vind het nog steeds veel. En, eerlijk is eerlijk, deze telling dateert van twee weken ná mijn eerste opruimactie.

Waarom minder kleding belangrijk is

Mijn wens om mijn kledingkast te minimaliseren begon eigenlijk al in de zomer van 2017, toen hubbie en ik terugkwamen van onze vakantie in Spanje. We wilden licht reizen en hadden allebei alleen handbagage meegenomen (Ja, ik weet het, vliegen is níet goed voor je ecologische voetafdruk en dat is dus ook zeker een thema waar ik nog aan wil en moet werken, maar daar gaat het in deze blog niet om). Ondanks dat bleek dat ik bij terugkomst maar de helft van de kleding had gebruikt die ik mee had genomen. Tijd dus om mijn kledingkast eens kritisch onder de loep te nemen.

What’s the big deal?

Waarom vind ik het belangrijk om mijn gedrag ten aanzien van kleding te veranderen? Omdat de kledingindustrie de op één na meest vervuilende industrie ter wereld is (na olie). Na het zien van de documentaire “True Cost” bleef ik enigszins in shock achter op de bank hoeveel impact met name fast fashion heeft op onze planeet.

Wist je dat het gemiddeld zo’n 6.000 liter water kost om één jeans te maken? Daar kun je maar liefst 137 dagen 5 minuten lang van douchen!

(Exact berekenen is lastig, aangezien de verschillende bronnen die ik heb geraadpleegd nogal uiteenlopen in hun schattingen – variërend van 3.700 tot 20.000. Daarom ga ik uit van een gemiddelde).

Met dit feit én de stem van opruimkoningin Marie Kondo (ze verkocht meer dan 7 miljoen boeken over het thema!) in mijn achterhoofd had ik al snel twee grote zakken vol kleding die ik heb afgegeven ter donatie. Overigens kun je oude kleding ook upcyclen tot zakdoeken, tassen, een vlaggenslinger, – dat staat nog op mijn lijstje om te proberen. Dit ruimde in ieder geval heerlijk op!

Nu is het natuurlijk wél zaak om die kledingkast niet nog verder aan te vullen, anders heeft die opruimactie nog geen zin gehad. En dat is dus precies wat ik in 2018 ga doen (so far, so good, zou ik zeggen, aangezien het jaar bijna 3 maanden oud is). Geen nieuwe schoenen, geen nieuwe broeken, geen nieuwe jassen, ook geen accessoires, tassen, sokken of ondergoed. Niks, noppes, nada. Als een kledingstuk echt helemaal is afgedragen, breng ik het weg naar de textielbak of probeer ik er een andere bestemming aan te geven, maar ik vervang het niet.

De grootste uitdaging bij het minimaliseren van je kledingkast

Ik ben ontzettend blij met mijn keuze om in 2018 géén nieuwe kleding te kopen. Het geeft ook zo veel rust in mijn hoofd. En ik spaar er flink wat euro’s mee uit! Tussen 1 augustus 2017 en 31 december 2017 kocht ik overigens slechts 1 item – een nieuwe winterjas en kreeg er 2 cadeau: een jurk voor de bruiloft van mijn zus en een paar schoenen voor Kerstmis. Ook al best een goede score, vind ik persoonlijk. Zeker als je bedenkt dat we in Nederland gemiddeld 46 nieuwe kledingstukken per jaar aanschaffen.

Dus, wat is er dan zo lastig, als ik zo blij ben met mijn beslissing? Mijn omgeving. Echt waar. Ik kan zonder problemen door een winkelstraat lopen, ik voel geen behoefte een winkel binnen te stappen en iets nieuws te kopen. Omdat ik weet dat voor mij het gelukmoment slechts van korte duur is. Daarna belandt dat nieuwe shirt waarschijnlijk weer onderop de stapel, waar ik hem eens per jaar uit haal. Nee, het lastigste zijn de reacties van de mensen die ik ken. Toen ik met een groep vriendinnen thee aan het drinken was en vertelde over mijn goede voornemen, keken ze me aan alsof ik gek was geworden. En van mijn moeder kreeg ik voor mijn verjaardag een tegoedbon van een schoenenzaak.

Een pain-in-the-ass

De stap om te minimaliseren en mijn ecologische voetafdruk te verkleinen is er eentje waar ik zelf heel gelukkig van word. Maar ik begrijp ook goed dat ik mijn keuze niet aan anderen op kan leggen. Dat wil ik ook helemaal niet. Ik hoop met deze blog en door met mensen in gesprek te gaan anderen te inspireren óók een stap te zetten. Het laatste wat ik wil is een pain-in-the-ass zijn.

Ik heb mijn vriendinnen uitgelegd waarom ik de keuze heb gemaakt. En ze gewezen op het feit hoeveel water er nodig is voor één spijkerbroek. Ze vielen bijna van hun stoel. Een week later appte er eentje dat ze die ene broek daarom toch had laten liggen. Mijn moeder heb ik een dikke knuffel gegeven voor het verjaardagscadeau en ik weet zeker dat als de schoenen die ik nu heb afgedragen en versleten zijn, ik er een mooi paar voor kan vinden. Overigens kocht ze ook handgemaakte biologische zeep en het boek Doughnut Economics van Kate Raworth voor me. Omdat ik daar al sinds vorig jaar over praatte. Hmm, soms helpt het dus toch om een pain-in-the-ass te zijn.

Summary
Article Name
Waarom ik dit jaar geen kleding koop – en waarom dat soms zo moeilijk is
Description
De kledingindustrie (en dan met name fast fashion) is de op één na meest vervuilende industrie. Dus besloot ik mijn kledingkast voor een jaar niet aan te vullen, om de Aarde te redden.
Author
Publisher Name
My Happy Footprint

Related posts

Een jaar lang geen kleding kopen: zo verander je je shopgewoontes (voorgoed).

Hoeveel Aardes hebben we nodig, als iedereen leeft zoals jij?

Dutch Sustainable Fashion Week (DSFW) 2019 in Den Haag