Dit is wat jouw spijkerbroek echt zou moeten kosten

Blue Jeans background, denim with seam

De prijs van een spijkerbroek zou 33 euro hoger moeten zijn dan de huidige prijs als we de zogenaamde verborgen kosten meerekenen, stelt een onderzoek van het Impact Institute en ABN Amro. Verborgen kosten zijn milieukosten, zoals waterschaarste of vervuiling in gebieden waar katoen verbouwd wordt, en sociale kosten, zoals kinderarbeid, onderbetaalde werknemers en onveilige of ongezonde arbeidsomstandigheden. Al deze kosten bij elkaar opgeteld vormen de ’true price gap’: directe externe kosten die niet op het prijskaartje van je favoriete jeans staan, maar die wel betaald worden, namelijk door lokale gemeenschappen, toekomstige generaties of kledingarbeiders.

Hoe dirty zijn jouw denims?

De mode-industrie is de op één na meest vervuilende industrie ter wereld. En spijkerbroeken nemen een groot deel van die industrie in beslag. Naar schatting worden er wereldwijd per jaar zo’n 2 miljard spijkerbroeken verkocht, met een totale retailwaarde van 42 miljard dollar. Gemiddeld bezit elke persoon op aarde 5,4 spijkerbroeken. Je kunt dus met zekerheid stellen dat dit een gigamarkt is en dus ook dat de impact op zowel mens als milieu groot is.

Het Impact Institute heeft een complete, typische waardeketen van een spijkerbroek onder de loep genomen, waarbij de productie van katoen en denim plaatsvindt in India, waarna het naar Bangladesh wordt vervoerd waar het tot spijkerbroeken wordt verwerkt, die vervolgens naar, in dit geval, Nederland worden gebracht. Als je een andere waardeketen zou bestuderen, zijn de resultaten dus wellicht anders, maar daar gaat het in dit onderzoek niet om.

Het dient vooral als eye opener om te laten zien dat onze kledingkasten niet alleen volhangen met kleding, maar ook met bloed, zweet en tranen.

De positieve kant van dit onderzoek? Het laat ons zien wáár in de keten die verborgen kosten zitten, zodat we er iets aan kunnen doen.

De ’true price gap’

True cost pricing is een manier om te berekenen wat de werkelijke prijs van een product is of zou moeten zijn. Bij true cost pricing worden alle negatieve externe effecten – zowel effecten op het milieu als sociale effecten – gewaardeerd en toegevoegd aan de prijs. Bijvoorbeeld: intimidatie van kledingarbeiders (een negatief sociaal effect) in kledingfabrieken wordt gewaardeerd op 10.000 euro per arbeider. Als 25% van de werknemers van een fabriek aangeeft intimidatie te ervaren, komen de extra kosten uit op 2.500 euro per arbeider. Stel dat elke arbeider per jaar 5.000 spijkerbroeken maakt, dan komen de additionele kosten per spijkerbroek op 50 cent uit.

Bron: ABN Amro rapport: “De verborgen kosten van een spijkerbroek”

Gebaseerd op het onderzoek van ABN Amro en het Impact Institute is het heel duidelijk te zien dat de grootste invloed op de true price gap te vinden is bij het proces waar het katoen verwerkt wordt tot denim (een totale price gap van €21,15 per spijkerbroek) gevolgd door de katoenproductie (welke €8,40 aan verborgen kosten voor haar rekening neemt). Het zijn voornamelijk de sociale kosten die de true price gap zo groot maken, die beslaan zo’n twee-derde van de totale verborgen kosten.

Duurzame mogelijkheden

Ik ben een groot voorstander van het meten van impact. Als je niet weet wáár de meeste impact zit, hoe kun je dan verbeteringen aanbrengen? Dat is waarom ik zelf ook regelmatig mijn ecologische voetafdruk bereken om te zien welke acties ik kan ondernemen om mijn impact op de aarde te verlagen (noot: sociale kosten worden niet meegenomen bij het berekenen van je persoonlijke ecologische voetafdruk). Het interessante aan het onderzoek van ABN Amro en het Impact Institute is niet dat het bepleit dat de prijs van een spijkerbroek met 33 euro omhoog zou moeten gaan. Het streeft er vooral naar om de mogelijkheden voor duurzame verbeteringen voor zowel mens als milieu te visualiseren.

Naar schatting werken er zo’n 200.000 tot 400.000 mensen in de katoenspinnerijen in India, waar ruw katoen verwerkt wordt tot garen. Veel van de arbeiders hier zijn jonge meisjes, die werken volgens het Sumangali schema. Onder dit schema worden ouders – veelal arm en uit de lage kaste – overgehaald om hun dochters op te geven voor een 3 tot 5-jarig contract. Het schema belooft een som geld dat de ouders na afloop van het contract zullen ontvangen, wat gebruikt kan worden om voor de bruiloft van hun dochter te betalen. Deze vorm van horige arbeid, waar vaak ook sprake is van kinderarbeid en zeer slechte arbeidsomstandigheden, heeft een grote invloed op de true price gap. Door de prijs van een spijkerbroek met 33 euro te verhogen neem je dit zeer complexe probleem ook niet weg. Een verslag van de Fair Wear Foundation (FWF) laat zien dat zelfs ervaren auditors in spinnerijen en fabrieken de kwestie (al dan niet bewust) over het hoofd zien, omdat het Sumangali schema tot op zekere hoogte cultureel geaccepteerd is. Het betalen van een leefbaar loon is volgens de FWF één van de meest effectieve manieren om deze manier van werken tegen te gaan. Waarom? Simpelweg omdat fabrieken niet steeds arbeiders hoeven te “vangen” vanwege een hoog verloop EN de vrouwen zijn in staat om zelf voor hun toekomst te sparen. Hoewel de uitvoering niet zo eenvoudig is, is de oplossing dat dus wel. Zeg nou zelf: als een bedrijf goed betaald én nette arbeidsomstandigheden biedt, zou jij er dan niet willen werken?

Het gat dichten in de mode-industrie

Het is opmerkelijk om te bedenken dat het waarschijnlijk vele malen minder kost dan €33 om de true price gap te dichten. Dit onderzoek berekende bijvoorbeeld dat het slechts 22 cent extra zou kosten per t-shirt om katoenwerkers in India uit de armoede te halen. Ik ben me ervan bewust dat ik hier een t-shirt met een spijkerbroek vergelijk, maar aangezien het ruwe materiaal in beide gevallen katoen uit India is, durf ik met zekerheid te zeggen dat het echt niet zo veel hoeft te kosten om de mensen die onze spijkerbroeken maken van een eerlijk en verantwoord salaris te voorzien. Zou jij niet bereid zijn om 22 cent extra te betalen voor een kledingstuk, als je dan zeker weet dat je daarmee iemand een fatsoenlijk bestaan biedt?

Wat kun je doen?

Als consument kun je dit probleem niet in je eentje oplossen. Net als dat één spijkerbroekenmerk dat niet kan. Overheden, bedrijven, consumenten, onderzoeksinstituten, we moeten allemaal onze verantwoordelijkheid nemen. En als consumenten kunnen we meer doen dan we denken. Dit zijn 3 van mijn tips hoe jij bij kunt dragen aan een positieve verandering in de mode-industrie:

  1. Koop minder. Hoe makkelijk het ook klinkt, met elke spijkerbroek die je minder koopt verminder je de druk op onze planeet. En het moge duidelijk zijn dat de kledingarbeiders tot nu toe niet of nauwelijks hebben geprofiteerd van de almaar groeiende vraag naar spijkerbroeken. Dus het “als mensen minder kopen, betekent dat meer armoede” argument gaat wat mij betreft niet op. Bonustip: op 21 juni start “Slow Fashion Summer”. Handig voor als je wel wat steun kunt gebruiken bij het minder kopen.
  2. Kies voor duurzame merken. Er zijn merken die het anders doen. Wat denk je van MUD Jeans of Kuyichi, beiden van Nederlandse bodem?
  3. Roep op tot transparantie en help bewustzijn te creëren. Dat wat we niet weten, kunnen we niet veranderen. Schrijf brieven, e-mails, plaats foto’s op je social media of onderteken petities van initiatieven zoals de Clean Clothes Campaign. Gebruik #whomademyclothes en #cleanclothes om transparantie en bewustzijn te vergroten.

Heb je tips hoe we samen aan een eerlijke en duurzame mode-industrie kunnen werken? Deel ze hieronder in de reacties of via Instagram. Ben je op zoek naar tips om je kledingkast te verduurzamen? Dit zijn favorieten!

Wil je het volledige onderzoek van ABN Amro en het Impact Institute lezen? Dat kan hier.

Related posts

Een jaar lang geen kleding kopen: zo verander je je shopgewoontes (voorgoed).

Hoeveel Aardes hebben we nodig, als iedereen leeft zoals jij?

Dutch Sustainable Fashion Week (DSFW) 2019 in Den Haag